Het wettelijk minimumloon per 1 januari

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Op 1 januari 2019 is het wettelijk minimumloon gestegen. Als ondernemer is het goed daarvan op de hoogte te zijn (en als werknemer natuurlijk ook!). Dan ben je weer helemaal op de hoogte.

Vanaf 1 januari gelden de volgende bruto bedragen van het wettelijk minimumloon voor een volledige werkweek (36, 38 of 40 uur per week):

Per maand € 1.615,80
Per week     € 372,90
Per dag € 74,58

Het bruto minimum(jeugd)loon per uur bedraagt bij een arbeidsduur van:

Leeftijd

36 uur per week

38 uur per week

40 uur per week

23 jaar

€ 10,36

€ 9,82

€ 9,33

22 jaar en ouder

€ 10,36

€ 9,82

€ 9,33

21 jaar

€  8,81

€ 8,35

€ 7,93

20 jaar

€  7,26

€ 6,87

€ 6,53

19 jaar

€  5,70

€ 5,40

€ 5,13

18 jaar

€  4,93

€ 4,67

€ 4,43

17 jaar

€  4,10

€ 3,88

€ 3,69

16 jaar

€  3,58

€ 3,39

€ 3,22

15 jaar

€  3,11

€ 2,95

€ 2,80

 

Vakantiedagen

Iedere werknemer heeft recht op de toekenning van de wettelijk vastgelegde vakantie-uren. Het aantal wettelijke vakantie-uren bedraagt vier keer de wekelijkse arbeidsduur. Met andere woorden: men heeft recht op vier vakantieweken. In geval van ziekte bouwen werknemers ook tijdens hun ziekteperiode volledige vakantiedagen op. De wettelijke vakantiedagen vervallen zes maanden na afloop van het jaar waarin zij zijn toegekend.

Vakantiegeld

Alhoewel het vakantiegeld meestal in de maand mei of juni wordt uitbetaald, is dat niet verplicht. Je mag dat in overleg met de werknemer ook in een andere maand betalen of zelfs verspreiden over het hele jaar. Daarnaast is het toegestaan om het salaris inclusief vakantiegeld uit te betalen. Het vakantiegeld wordt berekend over het bruto salaris. Over bijzondere beloningen – zoals verdiensten uit overwerk en onkostenvergoedingen – ben je geen vakantiegeld verschuldigd.

Overige verlofdagen

Zwangerschapsverlof

Zestien weken met uitkering van het UWV.

Kraamverlof

Twee dagen met doorbetaling van het salaris. Wordt in 2019 vijf dagen.

Ouderschapsverlof

Maximaal 26 dagen, geen salarisuitkering

Adoptie- of pleegzorgverlof

Vier weken met uitkering van het UWV.

Kortdurend zorgverlof

Tweemaal het aantal uren dat men per week werkt met doorbetaling van 70 procent van het loon met een minimum van het minimuminkomen.

Langdurend zorgverlof

In onderling overleg zonder loonbetaling.

Calamiteitenverlof

Zo kort mogelijk. Met doorbetaling van het salaris. Bij een langdurige tijd wordt het automatisch langdurig verlof

Dit zijn wettelijke voorschriften.

 

Uitbreiding kraamverlof voor partners

De Tweede Kamer heeft ingestemd met de wet WIEG (Wet Invoering Extra Geboorteverlof). Door dit wetsvoorstel krijgen partners vanaf volgend jaar bij de geboorte van een kind meer verlof. Het verlof wordt door de WIEG verlengd. Het geboorteverlof duurt in 2019 maximaal eenmaal de wekelijkse arbeidsduur. De kosten voor dit extra verlof komen voor rekening van de werkgever. De week geboorteverlof kan in de eerste vier weken na de bevalling worden opgenomen. Ook de periode van adoptie- en pleegzorgverlof wordt verlengd en bedraagt in 2019 zes weken.

Extra verlof

Vanaf 1 juli 2020 krijgen werknemers in het eerste half jaar na de geboorte recht op nog eens vijf weken verlof. In totaal gaat het dan om vijf maal de wekelijkse arbeidsduur. Hierdoor komt het totale verlof op zes maal de wekelijkse arbeidsduur. Het geboorteverlof van de eerste wekelijkse arbeidsduur komt voor rekening van de werkgever (zie uitbreiding kraamverlof hierboven). De vijf extra weken geboorteverlof wordt betaald door het UWV ter hoogte van 70 procent van het maximum dagloon. Het is aan de werkgever om een aanvulling tot 100 procent van het dagloon uit te betalen. Deze extra vijf weken kunnen tot een halfjaar na de bevalling worden opgenomen. Deze periode kan vanwege gewichtige bedrijfsbelangen in overleg gewijzigd worden.